BEVRIJDE TIJD
|
|
Onder het motto Neem tijd om te leven hebben 21 christelijke en joodse kerkgenootschappen in 1998 een handtekeningenactie tegen de 24-uurseconomie gevoerd. Aan de toenmalige minister van Economische Zaken werden ruim 800.000 handtekeningen aangeboden. Tegelkijk zijn de volgende 7 stellingen tegen de 7-daagse 24-uurseconomie bekend gemaakt: 1. We willen werken op normale tijden. 2. We willen de mogelijkheid hebben met gezin, vrienden en familie op hetzelfde moment samen te zijn. 3. We willen 's avonds en in de weekenden de mogelijkheid hebben om kerkdiensten en godsdienstige vieringen bij te wonen. 4. We willen onze gezondheid niet schaden door verhaasting en stress. 5. We willen collectieve momenten voor rust, ontspanning en bezinning op minimaal één dag in de week. 6. We willen samen met andere vrijwilligers ons inzetten op tal van terreinen. 7. We willen niet geleefd worden. We willen tijd om samen te kunnen leven. De stellingen lenen zich uitstekend voor een eerste bijeenkomst over het thema '24-uurseconomie'. Elke gespreksdeelnemer kiest uit bovenstaande stellingen die stelling uit, die hem of haar het meest aanspreekt. (De gespreksleiding ziet erop toe dat deelnemers niet allemaal dezelfde kiezen.) Vervolgens krijgt elke deelnemer de gelegenheid om:
De andere deelnemers stellen in eerste instantie alleen maar vragen. Ze spreken geen beoordeling uit over de ervaringen en inzichten. Nadat alle deelnemers hun ervaringen en inzichten naar aanleiding van de stellingen hebben verwoord, zoeken ze naar gemeenschappelijke aspecten en zo nodig actiepunten. (HTW) |
In Nederland is dus een grote groep mensen betrokken bij ontwikkelingen in de economie en de vraag welke veranderingen die te weeg brengen in het maatschappelijke, culturele en kerkelijke leven. Deze massale weerklank in de achterban van de kerkgenootschappen leert, dat de term '24-uurseconomie' bij veel mensen een duidelijke emotie oproept. Tegelijkertijd blijkt die emotie naar een ingewikkeld verschijnsel te verwijzen. De ontwikkeling van zoiets als een 24-uurseconomie is een complex geheel, waarin zowel politieke en economische als sociaal-culturele factoren een rol spelen. Dit betekent dat oorzaken niet alleen aan de politiek of aan werkgevers- of werknemersorganisaties zijn toe te schrijven, maar evenzeer bij de samenleving en de burgers zelf liggen. De overheid geeft met de nieuwe Winkeltijdenwet niet alleen antwoord op economische wensen, maar evenzeer op maatschappelijke vragen. De binnensteden of meubelboulevards worden op zondag niet door winkelend publiek overstroomd omdat de overheid dat wil, maar omdat mensen dat zelf wensen. Evenzo blijkt uit een door NIPO gehouden enquête, dat de meerderheid van de beroepsbevolking bereid is flexibeler te werken, ook in het weekend (A-2060, 24/25 mei 1997).
Verontrusting alleen is niet genoeg. De handtekeningenactie dient aangevuld te worden met een activerende bezinning binnen kerken, die de vraag systematiseert hoe om te gaan met de dragende maatschappelijke ontwikkelingen. Aan die behoefte beantwoordt de campagne 'Bevrijde Tijd. Deelnemen aan een 24-uurseconomie'.
