home

BERICHTEN

WEES VERANTWOORDELIJK!

Hub Crijns, december 2003

Inleiding
Meerdere niveaus en een privaat en publiek aspect

Ook een kabinet is verantwoordelijk!

Inleiding

Het kabinet Balkenende II doet in waarden, zoals u weet. Nee, niet via het motto 'Nederland is ziek', zoals vroeger minister Lubbers ons wist te melden toen hij zich zorgen maakte over het te grote aantal WAO'ers 'Nederland is lui en verloedert', aldus Balkenende en zijn ploeg, nu zij zich zorgen maken over het te grote aantal werklozen en uitkeringsgerechtigden. In de regeringsverklaring van Prinsjesdag worden we liefst zeven keer op onze verantwoordelijkheid gewezen en meldt de overheid ons dat we meer moeten doen.'

'Neem uw verantwoordelijkheid op u en neem een baan!', zo luidt de mantra van het genezingsgebed voor alle kwalen. We missen nog het beeld van ministers, die ons daartoe de handen komen opleggen.
Nu is die term 'verantwoordelijkheid' natuurlijk een vondst, want ze verwijst naar een positieve waarde. Naar haar betekenis is het letterlijk een antwoord geven op. Waarop dan? Christenen wijzen vaker naar de roep(ing), die ze hebben gehoord bij de ontvangst van het dubbelgebod: 'Heb God lief en uw naaste gelijk uzelf'. Het antwoord is dan terug te vinden in de weg van godsdienst en van mensendienst: een dubbele verantwoordelijkheid. Joden en Islamieten herkennen dezelfde roep(ing) en weten een soortgelijk antwoord in hun levensweg. Humanisten en andere politieke stromingen zullen de relatie met God minder herkennen, maar het antwoord in de mensendienst kennen zij ook: zowel naar zichzelf toe als naar de medemens. En de meesten zullen ook beamen dat je met arbeid die weg van mensendienst en van godsdienst heel goed vorm geeft.

omhoog

Meerdere niveaus en een privaat en publiek aspect

Als we doordenken op 'verantwoordelijkheid', dan merken we dat er verschillende niveaus zijn. De persoonlijke verantwoordelijkheid kent grenzen, waar de eigen mogelijkheden mentaal en fysiek bereikt zijn. In de dienst van barmhartigheid bijvoorbeeld raakt de hulp aan medemensen helaas aan einders. Hier komt de groepsverantwoordelijkheid in beeld. Een huishouden, familie, clan, groep, organisatie van uitkeringsgerechtigden, vereniging, kerk, vakbond, et cetera kan meer dan een individu. Zeker als die groep tekening en structuur aanbrengt in ieders vermogen zodat er structuren van de dienst van gerechtigheid ontstaan. Maar ook deze groepsverantwoordelijkheid raakt aan haar grenzen, zoals honderd jaar emancipatie van de arbeidersbeweging en vrouwenbeweging bewezen heeft. Hier komt de collectieve verantwoordelijkheid in beeld: je kan beter iets met zijn allen organiseren en daar samen een steentje aan bijdragen, dan ieder apart. Vanuit deze ervaring hebben we een 'sociaal contract' opgebouwd, waarin de niveaus van verantwoordelijkheid aan elkaar aansluiten in een netwerk van rechten en plichten. Dat netwerk houdt ook in dat de overheid zal zorgdragen voor banen en dat mensen de plicht kennen met hun arbeid bij te dragen aan de samenleving: betaald (veelal mannen) en onbetaald (veelal vrouwen).
Die verantwoordelijkheid kent tevens een privaat en een publiek aspect, dat aan te wijzen is op elk van de niveaus. Geweld op straat in de publieke ruimte mag niet, en dus ook niet thuis. Wie in huis netjes is, maar zijn rotzooi over het balkon het parkje van de gemeente in kiepert, maakt een publiek probleem. Wie niet steelt van familie, maar wel zwart werkt met een uitkering, is niet lekker bezig. Wie prettig aan het ondernemen is en bij tegenwind mensen afvoert via de WAO, profiteert ook. Zo hebben we in die verantwoordelijkheid en dat netwerk van rechten en plichten afgesproken, dat wat op een lager niveau goed kan gebeuren, een hoger niet moet gaan regelen. En andersom: waar de lagere niveaus tekortschieten, daar moet het hogere niveau inspringen. En je moet wat verder kijken dan je neus lang is: wie denkt privaat wel een loopje te kunnen nemen met verantwoordelijkheid door wat regels op te rekken, die merkt na enige tijd dat dit publiek bij hem terugkomt, vaak negatief. Want als we met zijn allen privaat wat regels oprekken, komen we elkaar met zijn allen publiek tegen in het motto 'Zo kan het niet langer meer!'

omhoog

Ook een kabinet is verantwoordelijk!

Hoe is nu die verantwoordelijkheid van het kabinet Balkenende te verstaan? Je wil het positief oppakken: we zijn mensen met mogelijkheden en beperktheden, en we worden opgeroepen daarmee het beste te doen, zowel voor onszelf als voor anderen. En gelovigen dienen zo ook God. De overheid maakt zaken mogelijk, ondersteunt en stimuleert ons allen, springt bij waar we tekort schieten.
Maar je kan dat inzoomen op die verantwoordelijkheid ook anders lezen: de overheid meldt dat ze geen geld heeft en geen zin om van alles te regelen en roept ons op onze eigen boontjes te doppen. Waar de overheid in haar publieke aspect van de verantwoordelijkheid terugtreedt, ontstaan leemtes. Dat is dan een behoorlijk risico, want wat je wegbezuinigt, afgeeft, niet meer doet, kost flink veel geld als je het later weer wil opbouwen.
Bij ons anders kijken missen we al snel iets tamelijk fundamenteels. Je kan mensen wel oproepen tot of herinneren aan hun plicht om een baan te nemen, maar als je de eigen taak om voor werk te zorgen onvoldoende waarmaakt, dan schort er fundamenteel iets aan die oproep. Al gauw komt de verdenking boven dat het falen in de eigen publieke verantwoordelijkheid afgewenteld wordt naar de burgers: 'maar jullie mogen niet falen. En wie toch faalt en het aandurft om geen baan te hebben, daar zullen we nog eens een hartig woordje mee wisselen!'.
Deze overheid brengt tevens in haar omschrijving van verantwoordelijkheid de betekenis van arbeid terug tot één dimensie, namelijk die van de betaalde baan. Het opvoeden van een nieuwe generatie, het zorgen voor zieken en kwetsbaren, het vrijwillig je inzetten voor de samenleving, het bezig zijn in sport, verenigingsleven, het actief zijn in geloof en gebed, het communicatief en politiek handelen: allemaal minder waard dan betaald werk of een baan. Ook in deze betekenisverschuiving wordt een privaat aspect van de arbeid (namelijk de arbeid als gift) weggedrukt en een publiek aspect (namelijk de betaling) naar voren gebracht. Alsof alles in een betaald baan te vangen is. 'Natuurlijk niet', zo beaamt overigens deze overheid ons in allerlei toonaarden in het debat rond de sociale zekerheid. 'Zorg- en opvoedwerk gaan we niet omzetten in een zorg- en opvoedloon. Dat is veel te duur voor ons'.
Verantwoordelijkheid blijkt voor dit kabinet een verschuiven van vooral plichten. Wij worden opgezadeld met datgene, waarin die overheid geen brood meer ziet of waarvoor ze geen geld meer over heeft. We moeten dus leren omdenken, als de Haagse ministers en regeringspolitici ons 'op onze verantwoordelijkheden wijzen'. Misschien moeten we dus wel lezen, gelijk we geleerd hebben in de tijd van Lubbers: 'De overheid is ziek, lui en verloedert de samenleving'.

omhoog

home